Back to Top
Donderdag 22 juni
85915 users - nu online: 1266 people
Gay News : Editie : 308 : Een geschiedenis van de emancipatie-beweging in Einhoven

Printervriendelijke Pagina  

Een geschiedenis van de emancipatie-beweging in Einhoven

door Helm de Laat in Historie & Politiek , 02 mei 2017


In Eindhoven wordt herdacht dat vijfenzestig jaar geleden de eerste poging werd gedaan een afdeling van de Shakespeare Club – in die tijd de schuilnaam van het COC - op te richten. Daar werd begin dit jaar het boek Tussen Repressie en Provocatie ten doop gehouden. De auteur Luc Brants beschrijft daarin de Geschiedenis van de homo-lesbische emancipatie in Eindhoven 1948-1990.

Vooraf

In menig COC-afdeling worden jubilea met veel plezier gevierd. Enkele hebben daarbij zelfs de goede gedachte gehad om middels een boekje de eigen geschiedenis te schrijven. Ter lering en vooral vermaak. Op zijn best worden enkele data – oprichting - vastgelegd en enkele herinneringen opgehaald aan belangrijke gebeurtenissen. Meestal de verwerving van eigen huisvesting. Soms wordt ook een geliefd persoon – een verdienstelijk bestuurder of een markante kroegbaas - in het zonnetje gezet. Na het feestgedruis verdwijnen de boekjes in de kast. Misschien komen ze daar nog eens uit om de nieuwsgierigheid van een verse gevoelsgenoot te bevredigen. Een kinderhand is gauw gevuld maar verder zijn ze hooguit goed voor een voetnoot in onze geschiedschrijving.

In Eindhoven wordt herdacht dat vijfenzestig jaar geleden de eerste poging werd gedaan een afdeling van de Shakespeare Club – in die tijd de schuilnaam van het COC - op te richten. Daar werd begin dit jaar het boek Tussen Repressie en Provocatie ten doop gehouden. Maar nu gaat het om een serieuze studie waaraan twee jaar gewerkt is. Met dit boek wil auteur Luc Brants niets minder dan de Geschiedenis van de homo-lesbische emancipatie in Eindhoven 1948-1990 beschrijven.


Canon van een Company town

Enkele jaren geleden wilde onze overheid bijdragen aan de oplossing van de identiteitscrisis waaraan zij land en volk zag lijden door de Geschiedenis van Nederland te herschrijven. Enkele commissies en subsidies verder werd de Canon van Nederland gepresenteerd. Dat smaakte menig bestuurder naar meer en vele lokale Canons volgden. Nu ging het ook in de Nederlandse geschiedenis vanouds vooral over de bestuurlijke en sociaal-culture elite. Alleen hun opvattingen en verhalen kwamen aan bod. Maar in de vorige eeuw was niet alleen de geschiedenis van de gewone man ontdekt. Na het ontstaan van de feministische beweging bleken ook vrouwen meer dan een enkele voetnoot meegemaakt te hebben. En studenten die in de jaren zeventig massaal uit de kast kwamen ontdekten zoveel verborgen geschiedenissen dat er zelfs van een homologische renaissance sprake was. Toch is van al deze nieuwe ontdekkingen weinig terug te vinden in de Canons. Zelfs de grote sodomietenvervolging van 1730, die overal in het land zijn sporen heeft achtergelaten, wordt vrijwel nergens vermeld. Het is dan ook een verhaal dat niet past bij het traditionele en nu meer dan ooit gewenste beeld van het tolerante Nederland.  

Stationsplein Eindhoven eind jaren vijftig

Ook in de Canon van Eindhoven ontbreekt ze, maar dat zou ermee te maken kunnen hebben dat uitgerekend naar de sodomietenvervolging in de Generaliteitslanden nog nooit onderzoek is gedaan. Deze Canon wordt beheerst door het oude verhaal van een katholiek plattelandsstadje dat in eendrachtige samenwerking van overheid en bedrijfsleven in de vaart der volkeren wordt opgestoten. De alles overheersende rol die Philips daarbij speelde maakt dat Eindhoven zelfs gezien wordt als hét Nederlandse voorbeeld van een Company-town. Hoe het gewone kerkvolk en de factor arbeid hierover dachten is geheel  ondergeschikt gemaakt aan het verlangen naar een opgepoetste corporate identity van de stad. In zo’n Canon is ook homoseksualiteit onzichtbaar.
 


Shakespeare

De top van EindhovenNet als alle homo-historici worstelt Luc Brants met het probleem van de onzichtbaarheid van homoseksualiteit in de bronnen. Maar aangezien ook de Canon net doet of er vóór de katholieke emancipatie (en het begin van de industrialisatie) in de negentiende eeuw nooit iets gebeurde in Eindhoven zij hem vergeven dat zijn verhaal pas begint in 1948. Ook dan blijkt het bronnenmateriaal eerst nog zeer beperkt. Zelfs de gerechtelijke en politie-bronnen zijn bij een bombardement vernietigd. Bij latere verwoede opruimacties zijn als door een wonder enkele bronnen aan de papiermolen ontsnapt en kon tijdens de homologische renaissance ook iets van de lokale geschiedenis herontdekt worden.

Deze geschiedenis heeft vooral betrekking op Amsterdam en de Randstad. Maar uit de verspreide publicaties heeft Luc Brants de voetnoten en verhalen bijeen gesprokkeld die betrekking hebben op Eindhoven. En met nieuw materiaal uit het Regionaal Historisch Centrum en enkele verhalen die hij via interviews nog heeft weten te achterhalen beschrijft hij het verhaal van de repressie van homoseksualiteit in het naoorlogse Eindhoven. Zo corrigeert hij de stichtingsmythe zoals die in kringen van het COC wordt verteld.

In 1962 zou de COC-afdeling worden opgericht door de voorman van het COC, Niek Engelschman, die daartoe de lange reis naar het verre Eindhoven ondernomen had. Hij zou op het station door de politie zijn opgewacht en op de eerstvolgende trein richting Amsterdam zijn gezet... Dit verhaal blijkt nog veel erger. Het speelt in 1948, toen op 3 januari, op verzoek van een Eindhovens lid van de Shakespeare Club, in een hotel bij het station een speciale bijeenkomst werd belegd. Daar zou in aanwezigheid van Niek Engelschman de nieuwe afdeling worden opgericht. De politie van Eindhoven had lucht gekregen van de bijeenkomst en slaagde erin twintig leden uit het Zuiden van het land in een val te laten lopen. Ze ontbond de bijeenkomst, alle aanwezigen werden aangehouden en opgenomen in de kaartenbakken van de politie. Niek Engelschman nam inderdaad de trein terug naar het in die tijd niet eens zo veel veiliger Amsterdam en het zou tot 1962 duren voor het COC Eindhoven tot stand kwam.


Baan, bak en kit



Tot die tijd behielp men zich ook in Eindhoven met ontmoetingen op pisbakken en speelden homo’s een gevaarlijk kat-en-muisspel met de politie, die de handen vol had aan de bijna vierhonderd homo’s in hun kaartenbakken. Zo blijkt het in de lichtstad een heidens karwei om de kapotte verlichting in de pisbakken te repareren. De voortdurende vernieling daarvan is een vroege vorm van verzet tegen de repressie. Dat geldt ook voor het homoseksuele zwemclubje dat elke vrijdagavond in het Sportfondsenbad bijeenkwam en dat door de politie in de gaten werd gehouden. De politie patrouilleerde ook bij de aanvang en afloop van filmvoorstellingen bij een bioscoop om te voorkomen dat jongeren er tot homoseksueel contact verleid werden...

Politiecorps Eindhoven, speelde een hoofdrol in de repressie van gays

Een enkele agent meende de ontucht te moeten bestrijden door een man die bij een urinoir rondhing te lijf te gaan. Brants noemt het “potenrammerij bij het bevoegd gezag.” Het zijn dit soort verhalen, opgetekend uit de mond van tijdgenoten – in dit geval een jongere agent - die geschiedenis sjeu geven. Het is daarom jammer dat er niet meer anekdotes boven water komen. Zo blijft de voorzichtige travo-scene duister en worden de beruchte Eindhovense hoerenjongens alleen terloops vermeld. Het homoseksuele kroegleven zou er wel helemaal bekaaid vanaf zijn gekomen zonder de strijd tegen het Dansverbod.

Om de zedenverwildering tegen te gaan was het dansen overal aan strenge regels onderworpen. In Eindhoven was het verbod kort maar krachtig: personen van het mannelijk geslacht mogen niet met elkaar dansen. Toen het COC een dansvergunning aanvroeg voor een feest om de bevrijding van de Duitse bezetting te vieren werd dat zonder enige toelichting geweigerd, hoewel in de aanvraag op de vervolging van homo’s door de nazi’s was gewezen. Hierop volgde het eerste hardnekkige gevecht met de lokale overheid, dat uiteindelijk gewonnen werd. Ondanks verzet van de homofobe KVP-burgemeester Witte die lid was van het Centrum voor Staatkundige Vorming, dat in de jaren vijftig zelfs voorgesteld had homoseksualiteit helemaal te verbieden.

Frans Otten, donateur van het COC, en zijn schoonvader Frits Philips, fel bestrijder van homoseksualiteitHet zijn vooral de jaren van repressie die tegen de achtergrond van het benepen katholieke Eindhoven in het boek goed uit de verf komen. Al blijft het eeuwig zonde dat we over de hoofdrolspelers bij de politie meer te weten komen dan over de homoseksuele N.A. Maas, die het initiatief nam voor de bijeenkomst in 1948. Maar voor Guus van Bladel (1931-2016), die als partner van Reve een voetnoot in de literatuurgeschiedenis was, heeft Luc Brants een mooi homomonumentje opgericht. Hij hoorde bij een nieuwe generatie COC-bestuurders die al in de jaren zestig hun nek durfden uitsteken en bijvoorbeeld met de strijd tegen het dansverbod de weg effenden voor de moderne beweging.
 

Van repressie tot provocatie

In het boek is weinig aandacht voor de andere kant van de Canon. De verstikkende rol van Philips – dat er een eigen bedrijfspolitie op na hield, die alles en iedereen bespioneerde en zo nodig in het gareel hield - komt nauwelijks uit de verf. Met enig voorbehoud meldt Brants wel dat directeur Otten het COC steunde met geld en goed. Maar dat verhaal past goed in het traditionele beeld van de weldaden van het bedrijf zoals de Canon het graag ziet. Een voormalige penningmeester van het COC wist mij nog te vertellen dat Otten overigens weinig op had met de verhalen van de COC bestuurders: “Laten ze toch gewoon zeggen wat ze nodig hebben.” Het COC Arnhem hield er een splinternieuwe TV aan over. Door vast te houden aan dergelijke geschiedschrijving blijven de onderhuidse spanningen in de Eindhovense samenleving buiten beeld. Zo kende Eindhoven in de brave jaren vijftig een half illegale maar toch actieve NVSH-afdeling die in 1963 al vijfduidend leden telde, meer dan welke plaatselijke vakbond ook.

De homo- en vrouwenbeweging ontstaan hier niet door een wonderdadig radiopraatje van een katholieke pater. En het ontstaan ervan is al evenmin een uit de hand gelopen malligheid van een jongere generatie zoals de Canon het voorstelt. De katholieke zuil verkeerde in een crisis en ook bij Philips was niet alles koek en ei. Dat bleek bij de crisis van de jaren tachtig, toen het ooit almachtige concern als een kaartenhuis ineen dreigde te storten. Ook de bomaanslagen van de Rooie Jeugd kwamen niet uit de lucht vallen. Juist dit soort spanningen spelen een rol bij het ontstaan van de radicalere delen van de homobeweging zoals de Roze Driehoek. Het tweede deel van het boek van Brants staat in het teken van de Provocatie die vooral van hen uitging zonder tot een bevredigende verklaring te komen voor hun relatief grote en langdurige invloed. Ook de vele betrokkenen die hij geïnterviewd heeft lijken zich overigens niet druk te maken over deze kwestie.


COC en Roze Driehoek

De carnavalsoptocht met de wagen van de Roze Driehoek, 1979Hoe goed Brants uit de schaarse bronnen het verhaal van Repressie destilleert blijkt pas echt als we in de tweede helft over de Provocatie het spoor bijster raken. Geschiedschrijving moet meer zijn dan een opsomming van feiten en namen. En het verhaal van de Eindhovense homobeweging is ook meer dan een droge analyse van COC-notulen en krantenknipsels over Roze Driehoek. Het is dus begrijpelijk dat alles en iedereen genoemd moet worden...

Maar hedendaagse intersectional queer history moet ook de invloeden van gender, klasse en ras betrekken bij het vertellen van het verhaal. En dan valt op dat de lesbische beweging het moet doen met tien merkwaardig eenzijdige  pagina’s. Over homoseksualiteit in de Indische en Molukse gemeenschap – met omstreeks 1960 ruim vijfduidend leden, en lang de grootste etnische groep in Eindhoven - geen woord. Dat geldt ook voor andere groepen die later bijdroegen aan de verkleuring van stad en zelfs beweging.

Het is mooi dat de – ook elders bekende - gevechten met plaatselijke politieke regenten rondom subsidiëring en het tot stand komen van het lokale homo-lesbisch beleid goed uit de verf komen. Dat geldt ook voor de verhalen over het anti-homoseksueel geweld en het onderzoek naar potenrammerij dat overal in het land nagevolgd werd. De veranderingen bij de lokale politie vormen een fraai contrast met haar rol in de periode van repressie. Zulke spannende verhalen worden onderbroken door een deprimerende opsomming van bestuurlijke conflicten en huisvestingsperikelen. En die zijn vast ooit voor alle betrokkenen van levensbelang geweest maar de auteur gaat voorbij aan de vraag waarom men zich toen zo druk maakte over dit alles.

1985En dan steekt die ene pagina die aan de aids-crisis wordt gewijd opeens wel erg mager af. Dat uitgerekend Philips sollicitanten indertijd verplichtte tot een hiv-test en bij een positief resultaat afwees, blijft onbesproken. Mooi dat er in 1983 wel 1800 telefoontjes binnenkwamen bij het COC. Maar waarover gingen die? Wat veranderde er in de loop der jaren in de hulpvraag? Waarover werd er gesproken in al die praatgroepen en waarom raakte men uitgekletst? En voorlichting op scholen zal toch niet alleen bestaan hebben uit het – alleen aan jongens - uitdelen van het stoute boekje Vies is Lekker?


Meer Boebelepoe

Ook alle verhalen over de Roze Driehoek (1978) - de belangrijkste bron van de Provocatie in de titel van Brants boek - komen voorbij. Het zal voor menigeen een feest van herkenning zijn. Het eerste Roze Festival in de Effenaar. De deelname aan de Carnavalsoptocht met een praalwagen in de vorm van een bruidstaart. En de demonstratie tegen de homofobe bisschop in Roermond waaruit onze Roze Zaterdag voortkwam. Maar waarom werden Roze Festivals zo’n succes dat ze overal ter wereld navolging kregen? We weten nu hoe ze in Tilburg op die Roze maandag zijn gekomen en in Nijmegen aan hun Roze Woensdag. Geen geringe verdienste voor een kleine actiegroep uit Eindhoven. Maar minstens zo belangrijk is de vraag waarom al die acties tegen onrecht zo weinig uithaalden en alleen maar tot een hoop Boebelepoe leidden. Waarom werd de Roze Driehoek een sekte die in hun pandje Het Vagevuur met de eigen seksualiteit ging experimenteren? Waarom slaagde het COC er wel in een moderne politieke belangenbehartiger te worden? Het antwoord daarop ligt onder andere verborgen in de tientallen Verkeerde Kranten die nu in de archieven op vervolgonderzoek liggen te wachten. En het is de niet geringe verdienste van Luc Brants dat hij ons met zijn boek – dat in geen enkel (Eindhovens) homohuishouden mag ontbreken - zo nieuwsgierig naar dat vervolg heeft gemaakt.



Luc Brants, Tussen Repressie en Provocatie: Geschiedenis van de homo- en lesbische emancipatie in Eindhoven 1948-1990. Antwerpen / Apeldoorn: Garant Uitgevers, 2017,
232 blz.,  ISBN 9789044134926, € 29,00.
In het boek is een code opgenomen waarmee men toegang krijgt tot een
documentaire met historisch beeldmateriaal en enkele interviews.
 








 
gerelateerd
North Miami eert emancipatie-pioniers met kunstinstallatie in openbare ruimte

This is my Pride!

Stichting EQ boos over discriminerende uitlatingen










Er heeft niemand gereageerd, jij misschien?


Een geschiedenis van de emancipatie-beweging in Einhoven

Reageer:

Reactie:
Je naam: ip 54.225.3.114















Rubrieken:


















Meer uit Historie & Politiek
Meer uit nummer 308
Meer van Helm de Laat





Club Church


Cruise Club with theme-nights and darkroom

meer info |visit


Eriks gay Bed and Breakfast


Quiet clean bedroom and Dutch breakfast for one guest

meer info |visit















bottom image




Entire © & ® 1995/2017 Gay International Press & Stichting G Media, Amsterdam. All rights reserved.
Gay News ® is een geregistreerde merknaam. © artikelen Gay News; duplicatie niet toegestaan. Opname uitsluitend na schriftelijke toestemming van uitgever, met verplichte bronvermelding gaynews.nl. Door derden overgenomen artikelen worden in rekening gebracht, en zo nodig geincasseerd. Gay News ISSN: 2214-7640, ISBN 8717953072009. Gay News op Wikipedia.
Volg Gay News:
Twitter Issuu
RSS RSS Editors
zelfstandige Escortboys

CMI
Neem contact op
Abonneren
Adverteren