Back to Top
Zaterdag 07 Dec
86387 users - nu online: 1335 people
86387 users - nu online: 1335 people login
VAN ONZE EDITORS
Share:







lengte: 10 min. Printervriendelijke Pagina  
Sex For Sale


door Hans Hafkamp in Algemeen , 02 april 2010

This article is also available in English
lengte: 10 minuten


Weinig licht op de verborgen wereld van de homoprostitutie

In 1983 publiceerde Boudewijn Büch in de winterboekachtige bundel Het orgasme van Lorre een artikel over “de rijk-beplante wildernis van Duitse publicaties uit de glorietijd van de cultuurfilosofische en seksueelwetenschappelijke gekte” aan het begin van de twintigste eeuw, dat de titel voor het boek leverde.


De auteurs van deze soms buitengewoon omvangrijke studies kenmerkten zich door een “geperverteerd wetenschapsgevoel,” wat tot uiting kwam in het feit dat, aldus Büch, al deze boeken volgens eenzelfde model waren opgebouwd: “verlekkerd allerlei (zogenaamde) smerigheid beschrijven en analyseren om ze daarna streng, genadeloos aan de kaak te stellen.”

Hoewel het niet helemaal toepasselijk is, en misschien zelfs een beetje oneerlijk, moest ik onontkoombaar aan deze kenschets denken bij het lezen van Verborgen werelden: Minderjarige jongens, misbruik en prostitutie door Dirk J. Korf, Annemiek Benschop en Jaap Knotter, de jongste loot aan de ondertussen welig tierende stam van het onderzoek naar jongensprostitutie in Nederland. Alleen al qua omvang valt dit boekje in het niet bij het merendeel van de werken uit de hoogtijdagen van de Duitse seksuologie en criminologie. Hierdoor konden de auteurs zich niet verlustigen in de “beschrijfdrift” die hun Germaanse voorgangers in z’n greep hield. Korf et. al. gaan zich dus niet te buiten aan omstandige evocaties van seksuele handelingen.


Bovendien wordt een onverhulde “aanklacht tegen iedere vorm van seksueel verkeer die afwijkt van het heteroseksuele recht-op-en-neer gedoe,” om nogmaals Büch te citeren, aan het begin van de eenentwintigste eeuw wetenschappelijk niet meer geaccepteerd en is daarvoor een verhulde moralistische ondertoon in de plaats gekomen.

Maar juist de impliciete afkeuring die blijkt uit tegenstellingen als “een echt baantje naast de prostitutie” en “jongens die er naast hun prostitutieleven een normaal bestaan op na houden” (de cursiveringen zijn van mij), riep bij mij de woorden van Boudewijn Büch in herinnering. Mogelijk is deze ondertoon mede een gevolg van het feit dat het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de regering, die, zoals bekend, de familiewaarden hoog in het vaandel heeft staan.

De aanleiding ervoor was een eerder rapport waarin werd gesteld dat Marokkaanse jongens oververtegenwoordigd zijn als slachtoffer van seksueel misbruik en prostitutie. Deze constatering zorgde voor grote ophef in de media en vervolgens in het parlement. Het doel van dit onderzoek was deze stelling te onderbouwen dan wel te weerleggen.

Verborgen werelden begint daarom met een inventarisatie van het voorkomen van seksueel misbruik van minderjarige jongens door personen buiten de familiesfeer. Opmerkelijk genoeg is er geen instantie in Nederland die deze gegevens kant en klaar heeft. Op basis van analyse van verschillende bronnen komen de onderzoekers echter tot de schatting dat 0,04 procent van de minderjarige jongens in Nederland slachtoffer is van seksueel misbruik, dat overigens blijkt “te variëren in ernst, van betasten van het lichaam met de kleren aan tot en met anale penetratie.”

De auteurs melden ook dat deze schatting lager ligt dan in eerder onderzoek: “Die cijfers golden echter voor zowel jongens als meisjes en/of voor zowel misbruik binnen als buiten de familie. Lagere schattingen waren dus te verwachten.” Opvallend is echter wel het relatief grote aantal minderjarige daders en het feit dat het “stereotiepe ‘oudere, pedoseksuele roofdier’ [...], althans in de politieregistratie, nauwelijks voorkomt.” Voor een oververtegenwoordiging van Marokkaanse jongens als slachtoffer hebben de auteurs ook geen bewijzen kunnen vinden, hoewel de gegevens hierover waarschijnlijk enigszins vertekend zijn omdat bij de politie van tweede of derde generatie allochtonen die een Nederlands paspoort hebben niet de afkomst wordt geregistreerd.

Namaak-Marokkanen

Het grootste deel van het onderzoek is gewijd aan de jongensprostitutie, wat eigenlijk een verkeerde term is aangezien de meeste mannelijke prostitués in Nederland juridisch gezien volwassen zijn. Gezien het uitgangspunt van het onderzoek hebben de onderzoekers zich beperkt tot jongens die voor hun achttiende (de wettelijke leeftijd waarop je je voor seks mag laten betalen) met prostitutie begonnen en die ten tijde van het onderzoek niet ouder dan eenentwintig waren. Hiervan hebben ze er uiteindelijk vierenveertig geïnterviewd. Deze jongens zijn werkzaam in verschillende vormen van prostitutie (joreca, bordelen, escort, internet) en hebben ook verschillende etnische achtergronden (dus zowel autochtoon, als westers en niet-westers allochtoon). Hoewel de onderzoekers extra inspanningen hebben verricht jonge Marokkaanse hoerenjongens te vinden, hebben ze die maar zeer beperkt aangetroffen: “De veronderstelling dat Marokkaanse jongens oververtegenwoordigd zouden zijn in de jongensprostitutie kunnen we dus niet bevestigen.”

In de openbaarheid wordt het beeld bovendien vertroebeld doordat veel homo’s Marokkanen geil vinden en sommige hoerenjongens zich dus voor Marokkaan laten doorgaan terwijl ze dat helemaal niet zijn. Een kenner meldt daarover: “Veel Marokkaanse jongens zijn gesteld op uiterlijk vertoon, dure kleding en dito schoenen. Ze zijn heel populair onder klanten. Dat komt vooral door hun agressieve houding, dat vinden bepaalde mannen spannend, ‘edgy’. Ook al worden ze belogen en bedrogen. Dat spel geeft hen een extra kick.” De auteurs moeten dan ook constateren: “Vanwege deze specifieke aantrekkelijkheid zijn er jongensprostitués, waaronder enkele van de geïnterviewde jongens, die zich uitgeven voor Marokkaans, ook al is dat niet hun etnische afkomst. Ook op internet profileren niet-Marokkaanse jongensprostitués zich als Marokkaans. Klanten denken dus vaker dat zij betaalde seks hebben met een Marokkaanse jongen dan in werkelijkheid het geval is.”

Eerste keer met een oudere

Een groot nadeel van deze enquête vind ik dat de onderzoekers geen interviews hebben gehouden met een controlegroep van jonge homo’s die niet hoereren. (Terzijde: jaren geleden sprak ik eens een jongen uit het vak die grote aanstoot nam aan de uitdrukking “de hoer spelen”: “ik speel niet de hoer, ik ben een hoer,” waren zijn stellig uitgesproken woorden.) Ik ga hier niet alle onderzoeksgegevens samenvatten, wie daaraan is geïnteresseerd moet het boekje zelf maar lezen, maar van de onderzoeksgroep had bijvoorbeeld tachtig procent hun eerste anale seks op een leeftijd van 16.2 jaar met iemand die gemiddeld 21.7 jaar oud was. De eerste orale seks hadden ze op een leeftijd van gemiddeld 15.1 met iemand van gemiddeld 18.3 jaar. De auteurs stellen op basis van deze gegevens: “Over het geheel genomen was de persoon waarmee de jongens hun eerste sekservaring hadden enkele jaren ouder dan zijzelf. Dit leeftijdsverschil is, met gemiddeld ruim vijf jaar, het grootst bij anale seks.

Nu is het zo dat het leeftijdsverschil wordt vertekend doordat een deel van de jongens hun eerste seks hadden met iemand die beduidend ouder was dan zijzelf.” Mij zeggen deze gegevens niets over de ervaringen van homohoeren in Nederland! Ik vermoed namelijk dat als je een willekeurige groep jonge homo’s onderzoekt de uitkomst niet veel anders zal zijn. De tijd dat ik jong was ligt al enige jaren achter me en ik houd me ook niet op in gelegenheden waar veel jong grut zou komen, maar ik geloof niet dat de situatie de laatste jaren ingrijpend veranderd is en dat ook nu nog, als je aan het eind van je tienerjaren je entree in het homocircuit maakt, je daar relatief weinig leeftijdgenoten tegen het lijf loopt en je “dus” je eerste sekservaring hebt met iemand die enigszins tot behoorlijk ouder is.

Als ik met bekenden wel eens over hun eerste sekspartner te spreken kom, blijkt dat in ieder geval doorgaans het geval te zijn. Dit wil echter niet zeggen dat je daardoor ook meteen in de prostitutie terechtkomt! Zelfs niet als die man je een avondje vrij heeft gehouden. Want ook bij de definitie die wordt gehanteerd voor “seks tegen vergoeding” stel ik in sommige opzichten mijn vraagtekens. Zo tekenen Korf en de zijnen de casus op van ene Ewald (21), die “voor het eerst seks tegen vergoeding [had] toen hij 17 was [...].

‘Op een schuimparty ontmoette ik een vriend van een vriend van mij. Hij was een jaar of 18. Hij betaalde al mijn drankjes, ik mocht bij hem slapen en daar hadden we seks. Pas toen ik 20 was deed ik dat voor de tweede keer. Ik ging uit en werd versierd door een man van rond de 30 jaar. Ook weer gratis drankjes en in ruil daarvoor ging ik met hem mee naar huis en hadden we seks.’”

Het is dat deze Ewald zichzelf als prostitué definieert, want ik ben ervan overtuigd dat als je een gemiddelde studerende homo van eenentwintig uithoort, hij ook dergelijke ervaringen zal verhalen. De hoogte van de huidige studiebeurs is namelijk niet zodanig dat je je daarvan een riant uitgaansleven in de homohoreca kunt permitteren. Dus waarom zou je je niet laten vrijhouden door iemand met een behoorlijk salaris? Het lijkt me pas hoererij als je zonder die consumpties onder geen beding met die man in bed was gedoken.




‘Dwang’ bij seks

Gezien de aanleiding van het onderzoek stortten Korf et. al. zich natuurlijk ook op de vraag in hoeverre hun onderzoeksgroep slachtoffer is van seksueel misbruik. Uiteindelijk concluderen ze dat de jongens “in brede zin [...] allemaal slachtoffer [zijn] geweest van seksueel misbruik en dwang, want allemaal hebben ze als minderjarige seks gehad met iemand ‘met machtsoverwicht’ (een volwassene of een minstens vijf jaar oudere minderjarige) en ook hebben ze allemaal voor hun 18e seks tegen vergoeding gehad.” Zoals gezegd, in hoeverre gaat dit op voor jonge homo’s in het algemeen, die steeds jonger weten wat ze willen, ook al moeten ze van een studiebeurs rondkomen? De geïnterviewden “zelf beschouwen deze ervaringen niet altijd als seksueel misbruik. Toch blijkt dat zij ook in hun eigen beleving wel vaak te maken hebben gekregen met seksueel misbruik en dwang. Bijna de helft heeft minstens één keer seks tegen zijn zin gehad. Lang niet altijd was dit in het kader van seks tegen vergoeding.” Ook hier dringt zich weer dwingend de vraag op in hoeverre dat in het algemeen opgaat.

In de literatuuropgave vermelden de auteurs een artikel over homoprostitutie van Richie J. McMullen. Die publiceerde echter in 1990 ook de studie Male Rape: Breaking the Silence on the Last Taboo. Sindsdien is er het nodige geschreven over verkrachting van mannen door mannen (en niet uitsluitend in de gevangenis en soortgelijke instituties), zowel vanuit wetenschappelijk als journalistiek oogpunt. Hoewel veel homo’s enige schroom ondervinden te spreken over onder “dwang” uitgevoerde seksuele handelingen, komt uit deze publicaties naar voren dat dit geen onalledaags verschijnsel is. Hoeveel homo’s hebben zich niet een keer laten neuken terwijl ze daar eigenlijk op dat moment geen zin in hadden omdat ze hun partner voor die nacht niet wilden teleurstellen? Pas als hierover enigszins betrouwbare gegevens voorhanden zijn, kunnen de ervaringen van de onderzochte groep homohoeren in het juiste perspectief worden geplaatst.

De auteurs van Verborgen werelden zijn verbonden aan het Bonger Instituut voor Criminologie van de Universiteit van Amsterdam. Nergens blijkt of ook maar een van deze auteurs niet alleen subsidieel maar ook subjectief in het onderwerp is geïnteresseerd en zelfs niet of ze zelf homo zijn. Misschien komt dat de wetenschappelijke objectiviteit ten goede, maar met bovenstaande kanttekeningen hoop ik aangetoond te hebben dat ik daar mijn twijfels bij heb. In 1996 publiceerde Korf in samenwerking met twee andere auteurs Roemeense trekvogels: nieuwkomers in de jongensprostitutie. Dat boekje is in vele opzichten interessanter omdat de onderzoekers daarin zicht probeerden te krijgen op een bepaalde groep, die daardoor omstandig aan het woord werd gelaten, evenals de klandizie van deze jongens. Door de uiterst beperkte invalshoek die uit de regeringsopdracht voortvloeide, biedt Verborgen werelden, ondanks alle tabellen, eigenlijk nergens echt zicht op en zeker niet op de homoprostitutie zoals die momenteel in Nederland plaatsvindt. Misschien wordt het tijd dat een moreel niet-vooringenomen homojournalist zich eens een jaar in deze wereld onderdompelt en die echt uit de verborgenheid probeert te halen. Als daaraan al behoefte zou bestaan, want het zou mij niets verwonderen als sommige homo’s juist van dat verborgene een geile kick krijgen.

Dirk J. Korf, Annemiek Benschop en Jaap Knotter, Verborgen werelden: Minderjarige jongens, misbruik en prostitutie. Amsterdam: Rozenberg Publishers, 2009, 136 blz., ISBN 9789036101219
www.rozenbergps.com



Commentaar:
Re: Sex For Sale-


Reactie van Filip dd. 24 mei 2011
weet er iemand een mannelijke prostitue in de buurt van Lennik? (Vlaams-Brabant)?


Reactie van tomnl dd. 25 mei 2011
misschien op escortboys.com









GERELATEERDMEER VAN HANS HAFKAMPMEEST GELEZEN VAN HANS HAFKAMP



mei 2015        lengte: 8 min.


mrt 2015        lengte: 13 min.




Sex For Sale

Hans Hafkamp, in Algemeen op 05 april 2019
Reageren? Jouw reactie:

Je naam:
Email (wordt niet getoond):
min. 15 karakters, geen links of html svp







In het nieuwste nummer, Gay News 340, december 2019





















bottom image




Entire © & ® 1995/2019 Gay International Press & Stichting G Media, Amsterdam. All rights reserved.
Gay News ® is een geregistreerde merknaam. © artikelen Gay News; duplicatie niet toegestaan. Opname uitsluitend na schriftelijke toestemming van uitgever, met verplichte bronvermelding gaynews.nl. Door derden overgenomen artikelen worden in rekening gebracht, en zo nodig geincasseerd. Gay News ISSN: 2214-7640, ISBN 8717953072009. Gay News op Wikipedia.
Volg Gay News:
Twitter Issuu
RSS RSS Editors
zelfstandige Escortboys

CMI
Neem contact op
Abonneren
Adverteren






© 1995/2019 Gay News ®, GIP/ St. G Media